boeken, boeken, boeken, boekenGeplaatst door Igor Wijnker wo, december 24, 2008 17:24:17Op verzoek van Groningens literatuurpaus Coen Peppelenbos en tot vermoeienis van Helga Walop - een vrouw die ik verder niet ken - staan hieronder mijn favoriete tien boeken van dit jaar.
Het is echter helemaal niet mijn bedoeling u te vermoeien, maar om u aan te sporen deze boeken ook te gaan lezen.
Dit advies wordt bovendien geheel gratis en onafhankelijk aangeboden, door een redelijk ervaren lezer met een brede smaak.
Ik zou willen zeggen: doe er uw voordeel mee.
Dit is weliswaar geschreven voor een literatuurlog, dat weerhoudt mij er niet van om jelui taal- en misschien ook muziekliefhebbers eerst even te wijzen op het debuutalbum ‘Ze willen wel je hond aaien maar niet met je praten’ van Roosbeef.
Ook voel ik me niet geremd om hieronder onliterair werk in het zonnetje te zetten. Dat licht kwam er soms moeizaam door, vanwege een hardnekkig lagedrukgebied dat lang boven mijn hoofd hing - zegmaar mijn boek van het jaar.
Het gaat weer prima, dank u.
De wolken zijn verdreven en ik kan weer leven
Maar lezen was in 2008 een stuk aangenamer dan schrijven.
Daar heeft A.L. Snijders helemaal geen last van. Meer dan een half uur per dag kan hij niet schrijven, zei hij vorige week in Groningen, omdat zijn bouwvallige huis de rest van de tijd onderhouden moet worden. Bij mij was het –tot verdriet en ergernis van mijn klussende huisgenoot- grofweg andersom.
Snijders komt op de valreep mijn toptien binnen gedenderd met twee boeken: Belangrijk is dat ik niet aan lezers denk en Bordeaux met ijs. Dat laatste boek is al mooi besproken door de beheerder van dit weblog. Voor mij zijn die zkv’tjes: levenslust en verbazing.
Snijders is zo’n schrijver bij wie mijn zuinigheid op slag verdwijnt en voor wie ik zonder enig schaamtegevoel met twee kostbare boeken in de signeerrij ben gaan staan. Zijn optreden maakte me hongerig naar zijn boeken. Dat heb ik bijvoorbeeld helemaal niet met iemand als Joost Zwagerman of Harry Mulisch.
W.F. Hermans - Nooit meer slapen. Ik houd van literatuur, maar ben een onbegrijpelijke lezer. Er kunnen gerust maanden voorbij gaan dat ik het dagblad, de Heemkakel (ons dorpsblaadje), de Midweek (huis-aan-huis-blad in de regio), NOS teletekst, vederlichte rubriekjes in de Varagids of de Kampioen en – dit is heel ernstig – reacties van leeghoofden op internetfora waar ik helemaal niet naartoe had willen surfen, prefereer boven prachtige boeken die gewoon in mijn kast staan.
Boeken met titels als Nooit meer slapen. Subliem gecomponeerde roman over de Nederlandse student Alfred die in de zomer naar het noorden van Noorwegen reist voor wetenschappelijk onderzoek. Zijn expeditie wordt steeds onherbergzamer en zwaarder en verweven met gedachten, herinneringen en fantasieën van de verteller/hoofdpersoon. Het verhaal krijgt heel onnadrukkelijk steeds meer lagen. Er is een tergende onderhuidse spanning die steeds dreigender wordt. Ik heb nog tachtig pagina’s te gaan, voel een grote climax aankomen en ben voorlopig weer even verlost van mijn leeshandicap.
Bob den Uyl – Het menselijk kunnen staat voor niets. De in 1992 overleden Den Uyl beleeft een revival, en terecht: bijna al zijn verhalen hebben de tand des tijds glorieus overleefd en doen me schuddebuiken van plezier. In dit dikke boek zijn z’n beste en veelal zeer persoonlijke reisverhalen gebundeld. Ruim vijfhonderd onweerstaanbare pagina’s van een heerlijke misantroop.
Bob den Uyl op een mij onbekend station, gefotografeerd door een mij niet bekende fotograaf. Datum: in ieder geval voor 1992.
Tommy Wieringa – Ik was nooit in Isfahaan. Hoe goed hij kan schrijven bewijst Wieringa wederom met deze bundel reisverhalen. Elke pagina bevat een aantal mooie vondsten en beschrijvingen van landschappen en mensen. Al stoorde ik me aanvankelijk aan zijn neiging daarin door te slaan en iets te nadrukkelijk De Schrijver uit te hangen met Grote Woorden en Gebaren. Nu ik vijftig pagina’s verder ben en vertrouwd met zijn stijl, slik ik die kritiek weer in. Ik wil het boek nog even koesteren en heb het gisteren verlengd in de bieb.
Michel Faber - De Fahrenheit-tweeling. Mijn ontdekking van dit jaar. Het licht ging aan op de eerste pagina en is daarna niet meer gedoofd. ‘Ja, zo moet het!’ dacht ik voortdurend, ‘dit is schrijven.’ Alles vond ik even geweldig: stijl, plot, humor.
Faber nam me mee naar een daklozenpension, een zwembad waarin een junkie met haar zoontje gaat zwemmen, de doodzieke dictator die geopereerd moet worden, in het hoofd van een gewelddadige schizofreen of een moeder die haar baby laat vallen, naar een ijzige vlakte op een imaginaire plek. Maakte mij niet uit waar naartoe, want elk verhaal was even geloofwaardig en meeslepend.
Ik was direct zo verslaafd dat ik mezelf op een rantsoen heb gezet van één verhaal per dag; en natuurlijk heb ik regelmatig gezondigd.
Bij mijn volgende bezoek aan dezelfde boekhandel heb ik alle resterende zes extra exemplaren gekocht om aan vrienden cadeau te doen.
Oh, ik benijd iedereen die deze bundel voor de eerste keer mag lezen.
Gerbrand Bakker - Perenbomen bloeien wit. Een van de kenmerken van een goede roman is volgens mij dat je gebeurtenissen, personen en/of emoties jaren later zo weer kunt oproepen. Dit ontroerende verhaal over de jonge Gerson draag ik nog vele jaren bij me.
Op sobere wijze geschreven, maar in een bijzondere vorm, want verteld door drie verschillende personages. Zelfs het verhaal van hond Daan was onwaarschijnlijk geloofwaardig. Sterker: het greep me naar de keel.
Joris van Casteren - Lelystad. Oké genoeg literatuur. Straks gaan de mensen nog denken dat ik daar veel van lees. Hoewel, journalist Joris van Casteren schrijft natuurlijk ook literatuur. En bovendien stukken beter dan veel Nederlandse schrijvers van naam.
Hij was de reden dat ik de afgelopen jaren nog wel eens de Vrij Nederland las. Lees vooral ook zijn bundels met reportages. Van Casteren heeft een voorkeur voor schijnbaar normale gebeurtenissen, die hij beschrijft met een kale, onderkoelde stijl en die bij nader inzien bizarre vormen aannemen. Het effect is soms weerzinwekkend, dan weer hilarisch. Of een combinatie.

Slechts één hoofdstuk heb ik gelezen van zijn definitieve doorbraakboek (3e druk alweer, geloof ik), maar ik weet genoeg.
Norman Lewis – Napels ’44 Dagboeknotities van een Britse militair in de laatste fase van de oorlog. Huiveringwekkend en tegelijk luchtig. In één alinea kan Lewis je laten huilen en lachen. Ik ben nu even lui en sluit mij aan bij de woorden op de achterflap ‘Levendig, lucide, welsprekend: een meesterwerk.’ – The New York Times Book Review. Een prettig idee dat deze militair nog tientallen boeken heeft gepubliceerd.
Achilles#3. Dit is mijn reclameblokje. Niet om mijn eigen bijdrage te promoten (‘Bah! Hypocriet!’), maar omdat er de laatste tijd in elk nummer minimaal vier boeiende sportverhalen staan. En vooral omdat ook dit mooie blad (een soort Hard Gras voor de kleine sporten) hoogstwaarschijnlijk geen lang leven beschoren zal zijn. Kan iemand mij trouwens vertellen wat er in hemelsnaam met het prachtblad Torpedo gaat gebeuren?
Het Stadioncomplex – Ferry Reurink. Ik ben heel erg voor het behouden van waardeloos geworden gebouwen en terreinen. Laten verkrotten? Graag! Helaas wordt in Nederland elke vierkante centimeter beheerd en bewaakt door ambtenaren, zodat er binnen een jaar weer een nieuw gebouw staat dat meestal in niets herinnert aan vroeger.
Gelukkig zijn er mensen als Ferry Reurink. Jarenlang reisde hij door het land voor dit stoeptegelzware en complete overzicht van alle Nederlandse stadions en terreinen waar betaald voetbal is gespeeld. Soms stuitte hij nog op een restant van een tribune.Oh weemoed! Kortom: heerlijk boek voor romantische zielen, om in weg te dromen, terug in de tijd te reizen, anekdotes te herleven of om zelf verhalen bij te bedenken.
boeken, boeken, boeken, boekenGeplaatst door Igor Wijnker za, augustus 02, 2008 11:21:04
Kort na middernacht knipte ik het leeslampje uit en verzuchtte: ‘Ongelofelijk.’
Mijn geliefde schrok: ‘Wat is er?’
‘Jezus Christus’ vervolgde ik, ‘wat kan die man schrijven, niet normaal.’
‘Hoezo?’
Dat zal ik hier, het is nu zeven uur later, proberen uit te leggen. Op het moment dat ik nog één verhaal te gaan heb in de bundel De Fahrenheit-tweeling van Michel Faber (die man dus die ik vannacht bedoelde).
Ik heb niet zo’n ijzersterk geheugen, maar ik kan mij niet herinneren dat ik eerder zoiets goeds heb gelezen.
Het gekke is: ik was jaren geleden al eens in een boek van Faber begonnen (The Crimson Petal and the White ) en dat heb ik vrij snel weer terzijde gelegd. Niet omdat ik het slecht vond, maar omdat mijn Engels te slecht was (of is) en ik toch de vervelende gewoonte heb om elk woord dat er staat te willen kennen. Dat is op zich goed voor mijn woordenschat en het begrip van de tekst, maar je hebt ook doorzettingsvermogen nodig om ruim negenhonderd bladzijden te lezen met een woordenboek erbij.
Misschien zegt het iets over mijn ausdauer, maar na dertig pagina’s liet ik me waarschijnlijk afleiden door een tv-programma of een reclamefolder van De Mediamarkt en verdween het boek uit zicht. (Ik heb trouwens een woordenboektic. Dat woord ausdauer heb ik net ook nog even opgezocht in de Van Dale. Omdat het door de spellingscontrole van Word niet werd gecorrigeerd. Nooit gedacht dat het daar in zou staan, tussen de Nederlandse woorden.)
Wees gerust: ausdauer of zoals ze in Duitsland zeggen –uithoudingsvermogen- heb je helemaal niet nodig voor de verhalenbundel van Faber.
Ik moest me juist inhouden (andere verplichtingen) en zette mezelf op een rantsoen van maximaal één verhaal per dag. Daarin slaagde ik niet dagelijks.
Waarom zijn die verhalen dan zo goed?
Ten eerste: Michel Faber kan belachelijk goed schrijven.
Hij weet mij twintig pagina’s te boeien met zijn weergave van een lezing over de kokosnoot. Terwijl hij toch uitgebreid in gaat op trichomen op de abaxiale lamina in de tussen de nerven gelegen zones op de bladsteel en de bladspil, evenals op de bladschede, de bloemschede, de bloemsteel en de aren. Je moet het lezen om het te geloven, maar Faber maakt er -dankzij de Aziatische schone die de lezing geeft- een bloedgeil verhaal van.
Ten tweede: Vanaf de eerste zin weet je of voel je dat hier iets heftigs is gebeurd. Of dat gaat weldra gebeuren.
Hier wat openingszinnen in de Fahrenheit-tweeling:
Het uitzicht van Jeanettes raam aan de voorkant was, laten we maar eerlijk zijn, waardeloos.
Er waren al de nodige strubbelingen tussen Gail en Ant geweest voor ze zelfs maar bij het zwembad waren aangekomen.
Geruchten dat de dictator ziek zou zijn misten iedere grond.
Op een woensdagochtend liet Christine in een moment van onoplettendheid haar baby stukvallen op de vloer.
boeken, boeken, boeken, boekenGeplaatst door Igor Wijnker di, juli 22, 2008 11:27:47Voor mensen als ik is De Slegte een gevaarlijke winkel. Je vindt er niet alleen literaire meesterwerken voor een paar euro, maar ook boeken die ik onmogelijk kan laten liggen. Vanwege de curiositeit en de opborrelende hebberigheid die grenst aan waanzin.
Ik wilde zaterdag juist naar de kassa lopen met zo’n zes kilo aan boeken toen ik nog één blik wierp op een vergeten kast in een slecht verlichte hoek van de winkel. Daar lag een groot boek (A4-formaat): 50 jaar De Gouden Schoen. € 1,-
Het bleek een Belgische uitgave. Een historie dus van de prijs voor de beste voetballer van de Belgische competitie. Zo’n boek vastpakken, de prijs zien en doorbladeren: dat is een fysieke sensatie, die niet-bibliofielen nooit zullen begrijpen. Waarschijnlijk vergelijkbaar met het geluksgevoel van een bijstandsmoeder wanneer ze op de display van de pinautomaat ziet dat ze weer geld kan opnemen, of dat van een pedofiel die moet wachten voor een zebrapad waarop een schoolklas oversteekt.
Ik sloeg een willekeurige bladzijde open en las het bijschrift onder een actiefoto van tweevoudig winnaar (’57 en ’62) Jef Jurion. ‘Jef Jurion –mét typisch ziekenkasbrilletje- gaat het duel niet uit de weg. Op de foto onderaan zet hij een strafschop om.’
Allerlei gedachten schoten door mijn hoofd: ‘wat is dat Vlaams toch een heerlijke taal, die Jurion kleunt verschrikkelijk naast de bal, maar bovenal dacht ik: dit is een onmisbaar naslagwerk.’
Ik heb veel van dit soort onmisbare naslagwerken. Waarvoor hetzelfde geldt als voor de andere boeken in die kast (zie foto hieronder in eerste deel): het merendeel is hooguit ingezien. Soms gaan er vele jaren overheen tot ik het stof met vlakke hand van de kaft veeg en zo’n verwaarloosd boek tegen mijn borst druk als een weggelopen en dood gewaand huisdier.
Zo bleek het Engeltje van Hans van Breukelen na jaren opeens van onschatbare waarde te zijn.
Nu weet ik: bij de geringste twijfel dus altijd aanschaffen. Deze keer verzamelde ik:
-Heimwee (Een anatomie van het verlangen naar elders) €1,-,
-Een wereld die veranderde en voorbijging (over het leven op het Groningse platteland) €1,-
-Ali (30 Postcards) €1,-
-IJsberen en zitvlees (Schrijvers en dichters over hun schrijfproces) €1,-
-drie nummers van Wielertijdschrift De Muur € 2,99 per stuk
-Steden van de vlakte van Cormac McCarthy €1,-
-De Fahrenheit-tweeling van Michel Faber €5,99
Een geïllustreerd boek over transport in Duitsland in de jaren zestig (met o.a. gedetailleerde afbeeldingen van de destijds actieve treinstellen en locomotieven) nam ik toch maar niet mee en daar baal ik nu uiteraard van.
Daarna ging ik naar Plato en kocht een cd die al langer op mijn verlanglijst stond
-Lucinda Williams - Live at the Fillmore €9,99 (twee cd’s)
Tenslotte bedacht ik dat er ook nog voedsel voor de maag moest komen en kocht een brood. Daarna liep ik heel toevallig nog langs Selexyz Scholtens en hield me in en ging even later de deur uit met
-Sportstad Groningen (uit de reeks Groningen van alle tijden) € 2,50.
Meezingend met Lucinda en voldoende voedsel voor de komende weken reed ik terug naar mijn rurale habitat.
Ik deed een pizza in de oven. (Voor het effect zou ik hier eigenlijk niet moet melden dat ik er ook nog een heerlijke verse salade bij maakte)
En bij het lezen van het eerste verhaal van De Fahrenheit-tweeling voelde ik, nou ja, volgens mij was het geluk.
boeken, boeken, boeken, boekenGeplaatst door Igor Wijnker zo, juli 20, 2008 13:25:28
Ik moest na lange tijd weer in de stad zijn: eerst mijn vriendin op de trein zetten en daarna nog even bij vrienden op bezoek. “Ga je straks weer direct naar huis en aan de slag?” vroegen ze geïnteresseerd, maar ook bezorgd.
De laatste maanden is mijn imago van bezeten en asociale schrijver uitgegroeid tot groteske proporties. Ik bedank voor feestjes en andere uitnodigingen. Vorige week zegde ik nog een eerder toegezegd weekeinde met vrienden in Berlijn af.
“Ik ga nog even naar de markt,” antwoordde ik, “en ik moet nog scheerschuim kopen.”
Ze lachten naar mijn gezicht waarop al zeven dagen ontelbare korte stevige haartjes bezig waren uit te groeien tot een baard van inderdaad lachwekkende proporties.
Trouwens: de markt…de markt? In werkelijkheid dacht ik maar aan één ding: straks fijn nog even langs de boekhandels.
Mijn vriendin had juist een nieuwe kast vervaardigd (zie foto, 27 strekkende meter boekenplank) en er bleken nog wat lege plekken te zijn. Sterker: als je de boeken niet alleen naast, maar ook achter elkaar zette, was de kast in feite één gapende leegte die schreeuwde om gevuld te worden.
Er was vooral behoefte aan schrijvers met een achternaam die met een I, Q, X of Y beginnen. Maar dat zou natuurlijk een vreemde manier zijn van boeken aanschaffen. ‘Dag boekhandelaar, verkoopt u ook schrijvers die met een I, Q, X of Y beginnen?’
Hoewel ik nu besef dat ik helemaal geen boeken heb van Isegawa (Moses), Queneau (Raymond), X (Malcolm) of Young (er is vast een verschrikkelijk goede Amerikaanse auteur met die achternaam - tips zijn van harte welkom).
Wat voor mij natuurlijker is: een boek kopen waarbij de prijs-kwaliteitverhouding optimaal is. Laat ik er niet omheen draaien: ik ben een koopjesjager. Als een nieuw boek of muziekalbum uitkomt en lovend wordt besproken koop ik het hoogst zelden direct, voor de volle mep.
Ik wacht wel even, tot de prijs is gezakt. Hoewel daar vooral bij boeken soms jaren overheen gaan. Maar dat deert mij niet. Ik zit zonder morren voor een dubbeltje op de tweede, of derde rang. Of achterin de zaal.
Misschien is de consequentie ook dat ik nooit een kwartje zal worden. Maar dit dubbeltje zegt: kwaliteit heeft geen houdbaarheidsdatum. Bovendien heb ik in de tussentijd nog genoeg om te lezen en te luisteren.
(wordt vervolgd)
boeken, boeken, boeken, boekenGeplaatst door Igor Wijnker vr, april 04, 2008 14:51:01Sinds vandaag is de website van de Basisbibliotheek beschikbaar, met 1000 sleutelteksten uit de cultuurgeschiedenis van de Lage Landen. Een geweldige bron waarvan de helft al integraal beschikbaar is.
Het is een even eindeloze als curieuze lijst en het duizelde mij al bijna toen ik bij het jaar 1940 op de titel 'Is dat goed Nederlands?' stuitte van ene Charivarius.
Als vanzelf scrollde ik naar hoofdstuk XVIII Gemeenplaatsen. Misschien heeft dat te maken met mijn achtergrond als sportjournalist. Ik citeer Charivarius met plezier: 'Gemeenplaatsen zijn niet onjuist, maar vervelend.'
Het frappante is dat sommige gemeenplaatsen al in 1940 als zodanig werden beschouwd en nu nog met grote ernst worden gebruikt. Voornamelijk door sportjournalisten op radio en tv. U kunt uw verslaggever van dienst er zelf bij bedenken:
Voor de volle 100%
In feite
In wezen
Uit den boze
Een sympathiek gebaar
Zichtbaar aangedaan
De serene stilte
Een lichtend voorbeeld
Schitteren door afwezigheid
De inwendige mens versterken
Hoogtij vieren
Naar het rijk der fabelen verwijzen
Last but not least
l'Histoire se répète.
Hij was vrijwel op slag dood.
Onder overgrote belangstelling vond de begrafenis plaats.
Ga voor de volledige lijst naar:
http://www.dbnl.org/tekst/char003isda01_01/char003isda01_01_0020.htm